Deux killis colorés dans un bac naturel

De sieraden van het natuurlijke aquarium

F. Mattier

Er bestaat een familie van kleine zoetwatervissen die tot de mooiste behoren, en toch weinig bekend zijn bij het publiek.

Want ze voelen zich niet op hun gemak in een traditioneel "woonkamer" aquarium, met een onstabiel ecosysteem dat met de hand wordt ondersteund door steeds complexere en duurdere pompen en filters.

Deze "gemeenschappelijke" aquaria waar enkele neonvissen samenleven met twee schaarste cichliden en een wolk van overbelichte guppy's!


De killivissen, zoals ze vaak worden genoemd, waarderen deze technologie, deze kunstmatige en te goed onderhouden decors niet.

Deze vissen, over het algemeen van bescheiden formaat, zijn bijzonder kleurrijk en weinig beschikbaar in de handel. Het zijn ware juwelen, maar het aquarium in de dierenwinkel doet ze helemaal geen recht en is niet geschikt voor hen.


En dit juist omdat ze zeer gehecht zijn aan natuurlijke onderhoudsvoorwaarden.

Men kan dus zeggen dat de killies, die slecht zijn aangepast aan de traditionele aquaristiek, daarentegen de stervissen zijn van het natuurlijke aquarium.

Geen filter (of een heel klein hoekfilter met luchtbel), een gedimd licht (het is nog mooier!), een wirwar van planten die hun leven leiden (de Najas is perfect), en natuurlijk voedsel.

 
Afhankelijk van de soorten heeft u zeer zacht en zuur water nodig (een beetje regenwater en enkele tannine rijke elsvruchten) of water dat dichter bij kraanwater ligt. Sommige soorten leven bij 20°C zonder verwarming, andere geven de voorkeur aan meer warmte.

De meeste zwemmen weinig en hebben dus een klein aquarium nodig.

Vooral, en dat was vroeger de belangrijkste moeilijkheid die hen zeldzaam maakte in de handel: ze willen absoluut natuurlijk voedsel, kleine prooien zoals in de natuur.


Een mannetje en twee vrouwtjes in 30 tot 50 liter houden is vaak de norm.

Levende voeding voorkomt vervuiling van het water en rot niet als het niet gegeten wordt, en de planten zijn voldoende om alle nitraten van dit eenvoudige ecosysteem te consumeren.

Het is fascinerend om ze te observeren. In plaats van de hele dag heen en weer te zwemmen, nemen ze poses, verstoppen ze zich, jagen ze op een watervlo in de aanslag, begraven ze zich half in het veen, en leggen ze voortdurend eieren.


Hun voortplanting is origineel, uniek en onophoudelijk. Hun eieren kunnen over het algemeen buiten het water worden bewaard, zelfs... per post worden verzonden!

Bepaalde soorten zijn bedreigd of verdwenen in hun natuurlijke omgeving, en het is alleen dankzij de enthousiastelingen dat ze overleven.


Aarzel niet om de website van de KCF te bezoeken, dat is de referentieclub in Frankrijk.

Maar let op: als je deze spannende wereld binnenstapt... kom je er niet meer uit!

Terug naar blog

5 opmerkingen

Les Pseudoepiplatys annulatus se plaisent aussi très bien en low-tech. Petit chauffage quand même, et surtout beaucoup de plantes, mix de croissance lente et rapide : flottantes, anubias, cryptochorines, rotalas (moins rouges forcément), ceratophylles, mousses diverses, lomariopsis, élodées…une litière de feuilles, cônes d’aulne et un fond sombre. Eclairage faible, par une petite lampe à clipser. Ils cohabitent très bien avec les crevettes dont ils régulent probablement la population . Les dominants sillonnent la surface, les autres sont plus vers le milieu. Les miens raffolent des daphnies et petits vers mais aussi les granulés. Ils préfèrent quand même clairement le vivant . Deux trios dans 55l m’ont donné régulièrement de la repro. ils ne touchent pas aux alevins. Par contre les alevins entre eux ne sont pas tendres. On les repère dans les flottantes à leur petite plaque dorée brillante sur la tête… qui se déplace, sinon ils se confondent avec les petites bulles d’air.

Lili

J’ai voulu tenter le lowtech avec un couple d’aphyosemions et j’ai dû remettre un petit filtre d’angle car impossible de stabiliser mon 20l pourtant très planté… sans cesse des montées de NO2, j’ai eu peur pour les poissons… je le vis un peu comme un échec mais pas trop car au final les poissons vont très bien ce qui est le plus important ! Cet aquarium n’a plus rien de lowtech puisque j’ai aussi dû mettre un chauffage (l’eau descendait à 17° l’hiver) et que bien sûr, beaucoup de plantes = éclairage obligatoire… pour la nourriture, mes killis acceptaient bien les granulés quand ils sont arrivés de l’animalerie mais depuis que je leur donne essentiellement du vivant, maintenant ils me boudent les granulés !!

Léa

Le problème des killis, c’est leur espérance de vie. Ajouter à cela qu’on ne les trouve pas très facilement ou à des prix prohibitifs, pour peu qu’ils ne se reproduisent pas….
J’ai fait “l’expérience” d’autres poissons qui vivent très bien en low tech : les tétraodons nains ou travancoricus ! Et, pour ne rien gâcher, ils sont extrêmement intéressants à observer. Ce sont mes petits trésors.
Juste un petit souci : aucun escargot avec eux. En revanche, on peut très bien les faire cohabiter avec des crevettes et d’autres espèces d’écailleux, comme les loches naines.
Je viens également de découvrir le badis badis.
Ces trois espèces vivent en parfaite harmonie dans un 180 l super planté !

Aude

Ça me fait plaisir pour le document

Serge cherubin

Sur la nourriture vivante, cela dépend vraiment des espèces et des élevages ; mes fundulopanchax scheeli acceptent volontiers les flocons.

Gaël

laat een reactie achter

Houd er rekening mee dat opmerkingen moeten worden goedgekeurd voordat ze worden gepubliceerd.